28 May 2026
|
2 min read
Van overleg naar oponthoud: hoe lang nog?
J
Jan Veenstra
Auteur
In Coevorden lijkt parkeren inmiddels verworden tot een dossier dat vooral in beweging blijft op papier.
Bewoners trekken al jaren aan de bel over de parkeerdruk in de binnenstad. Ondernemers luiden inmiddels publiekelijk de noodklok omdat klanten wegblijven. En toch blijft de oplossing telkens steken in gesprekken, evaluaties en nieuwe afstemming.
Alsof het probleem nog ontdekt moet worden.
De werkelijkheid is anders.
Wie in de binnenstad woont, kent de dagelijkse frustratie. Iedere ochtend opnieuw begint de strijd om een parkeerplek. Bewoners moeten concurreren met auto’s van mensen die er niet horen te staan. Later op de dag neemt de druk verder toe door bezoekers en hotelgasten.
Het zijn geen incidenten.
Het is structureel.
Juist daarom is het telefoongesprek van vanochtend veelzeggend.
De boodschap vanuit verkeerszaken was dat de eerder voorgestelde en toegezegde oplossing voor de parkeersituatie rond het kasteel nog altijd afhankelijk is van een gesprek met de middenstand.
Op zichzelf klinkt dat redelijk.
Ware het niet dat exact dezelfde boodschap twee maanden geleden ook al werd gegeven.
En daar zit precies het probleem.
In Coevorden lijkt parkeren een dossier waarin tijd verstrijkt, gesprekken worden aangekondigd, overleg wordt herhaald en oplossingen voortdurend nét buiten bereik blijven.
Ondertussen stapelt de schade zich op.
Bewoners raken gefrustreerd omdat afspraken niet zichtbaar worden nageleefd. Ondernemers zien klanten afhaken door verminderde bereikbaarheid. De leefbaarheid van de binnenstad staat onder druk.
Het pijnlijke is dat iedereen het probleem inmiddels kent.
Niemand hoeft nog te onderzoeken óf er parkeerdruk is.
Niemand hoeft nog te monitoren of evalueren of luisteren naar signalen.
Die signalen zijn allang afgegeven.
Door bewoners.
Door ondernemers.
Door de dagelijkse praktijk.
Wat ontbreekt, is geen informatie.
Wat ontbreekt, is daadkracht.
Een stad blijft niet leefbaar door parkeerproblemen eindeloos te bespreken. Een stad blijft leefbaar door besluiten te nemen en afspraken te handhaven.
Hoeveel gesprekken zijn er nog nodig voordat een toegezegde oplossing ook werkelijk wordt uitgevoerd?
Want als zelfs een concrete toezegging maanden later nog steeds afhankelijk blijkt van “een volgend gesprek”, dan is het niet langer een communicatieprobleem.
Dan is het bestuurlijke stilstand.
Alsof het probleem nog ontdekt moet worden.
De werkelijkheid is anders.
Wie in de binnenstad woont, kent de dagelijkse frustratie. Iedere ochtend opnieuw begint de strijd om een parkeerplek. Bewoners moeten concurreren met auto’s van mensen die er niet horen te staan. Later op de dag neemt de druk verder toe door bezoekers en hotelgasten.
Het zijn geen incidenten.
Het is structureel.
Juist daarom is het telefoongesprek van vanochtend veelzeggend.
De boodschap vanuit verkeerszaken was dat de eerder voorgestelde en toegezegde oplossing voor de parkeersituatie rond het kasteel nog altijd afhankelijk is van een gesprek met de middenstand.
Op zichzelf klinkt dat redelijk.
Ware het niet dat exact dezelfde boodschap twee maanden geleden ook al werd gegeven.
En daar zit precies het probleem.
In Coevorden lijkt parkeren een dossier waarin tijd verstrijkt, gesprekken worden aangekondigd, overleg wordt herhaald en oplossingen voortdurend nét buiten bereik blijven.
Ondertussen stapelt de schade zich op.
Bewoners raken gefrustreerd omdat afspraken niet zichtbaar worden nageleefd. Ondernemers zien klanten afhaken door verminderde bereikbaarheid. De leefbaarheid van de binnenstad staat onder druk.
Het pijnlijke is dat iedereen het probleem inmiddels kent.
Niemand hoeft nog te onderzoeken óf er parkeerdruk is.
Niemand hoeft nog te monitoren of evalueren of luisteren naar signalen.
Die signalen zijn allang afgegeven.
Door bewoners.
Door ondernemers.
Door de dagelijkse praktijk.
Wat ontbreekt, is geen informatie.
Wat ontbreekt, is daadkracht.
Een stad blijft niet leefbaar door parkeerproblemen eindeloos te bespreken. Een stad blijft leefbaar door besluiten te nemen en afspraken te handhaven.
Hoeveel gesprekken zijn er nog nodig voordat een toegezegde oplossing ook werkelijk wordt uitgevoerd?
Want als zelfs een concrete toezegging maanden later nog steeds afhankelijk blijkt van “een volgend gesprek”, dan is het niet langer een communicatieprobleem.
Dan is het bestuurlijke stilstand.