28 May 2026
|
2 min read
Nieuwe gezichten, oude parkeerellende?
J
Jan Veenstra
Auteur
Pfff… eindelijk iets van duidelijkheid in het politieke moeras van Coevorden. De namen van de kandidaat-wethouders zijn bekend en dat geeft op zijn minst hoop dat er straks niet meer geschuild wordt achter dat inmiddels versleten zinnetje: “Dat is aan een volgend bestuur.”
Want als er één dossier is waar bewoners al jaren tegen een muur van mooie woorden oplopen, dan is het wel het parkeerprobleem in de binnenstad.
Jarenlang trekken bewoners aan de bel. Er wordt overlegd, er worden toezeggingen gedaan, er volgen onderzoeken en evaluaties. Maar ondertussen verandert er nauwelijks iets.
En dat terwijl er binnen de gemeente nota bene afspraken zijn gemaakt over parkeren.
Afspraken die in de praktijk blijkbaar vooral op papier bestaan.
Want ondanks die afspraken blijven ambtenaren hun auto’s gewoon parkeren op plekken die bedoeld zijn om de parkeerdruk voor bewoners beheersbaar te houden. Iedere ochtend opnieuw begint tussen acht uur en half negen dezelfde race tegen de klok. Wie te laat is, vist achter het net.
Alsof dat nog niet genoeg is, worden later op de dag de resterende plekken ingenomen door bezoekers en gasten van onder meer Fletcher hotel in de binnenstad.
Voor bewoners is het inmiddels dagelijkse frustratie.
Het wrange is dat ondernemers die zich ergens willen vestigen doorgaans aan heldere voorwaarden moeten voldoen: zorg zelf voor voldoende parkeergelegenheid. Dat is logisch. Wie extra parkeerdruk veroorzaakt, hoort daar zelf verantwoordelijkheid voor te nemen.
Behalve, zo lijkt het soms, in Coevorden.
Hier worden de gevolgen te gemakkelijk doorgeschoven naar de inwoners van de binnenstad, die al jaren de rekening betalen van bestuurlijke besluiteloosheid en halfslachtige handhaving.
Met de voordracht van Wouter Bloemberg, Herjan Kerkdijk, Irma Talens en Sandra Katerberg breekt straks mogelijk een nieuwe bestuursperiode aan.
Dat biedt hoop.
Maar bewoners zitten niet te wachten op nieuwe rapporten, verkennende sessies of beleidsnotities vol woorden als verbinden, onderzoeken en monitoren.
Ze willen dat bestaande afspraken eindelijk worden nageleefd.
Want een afspraak is geen vrijblijvende suggestie.
Als zelfs gemeentelijke medewerkers zich niet houden aan parkeerovereenkomsten, hoe geloofwaardig is het bestuur dan nog als het inwoners aanspreekt op regels?
De nieuwe wethouders kunnen direct laten zien dat het menens is.
Niet met nieuwe beloftes, maar door simpelweg te doen wat al lang had moeten gebeuren: handhaven, doorpakken en eindelijk kiezen voor bewoners.
De vraag is niet of het probleem bekend is.
De vraag is: durft het nieuwe bestuur eindelijk ook de eigen organisatie aan te spreken?
En dat terwijl er binnen de gemeente nota bene afspraken zijn gemaakt over parkeren.
Afspraken die in de praktijk blijkbaar vooral op papier bestaan.
Want ondanks die afspraken blijven ambtenaren hun auto’s gewoon parkeren op plekken die bedoeld zijn om de parkeerdruk voor bewoners beheersbaar te houden. Iedere ochtend opnieuw begint tussen acht uur en half negen dezelfde race tegen de klok. Wie te laat is, vist achter het net.
Alsof dat nog niet genoeg is, worden later op de dag de resterende plekken ingenomen door bezoekers en gasten van onder meer Fletcher hotel in de binnenstad.
Voor bewoners is het inmiddels dagelijkse frustratie.
Het wrange is dat ondernemers die zich ergens willen vestigen doorgaans aan heldere voorwaarden moeten voldoen: zorg zelf voor voldoende parkeergelegenheid. Dat is logisch. Wie extra parkeerdruk veroorzaakt, hoort daar zelf verantwoordelijkheid voor te nemen.
Behalve, zo lijkt het soms, in Coevorden.
Hier worden de gevolgen te gemakkelijk doorgeschoven naar de inwoners van de binnenstad, die al jaren de rekening betalen van bestuurlijke besluiteloosheid en halfslachtige handhaving.
Met de voordracht van Wouter Bloemberg, Herjan Kerkdijk, Irma Talens en Sandra Katerberg breekt straks mogelijk een nieuwe bestuursperiode aan.
Dat biedt hoop.
Maar bewoners zitten niet te wachten op nieuwe rapporten, verkennende sessies of beleidsnotities vol woorden als verbinden, onderzoeken en monitoren.
Ze willen dat bestaande afspraken eindelijk worden nageleefd.
Want een afspraak is geen vrijblijvende suggestie.
Als zelfs gemeentelijke medewerkers zich niet houden aan parkeerovereenkomsten, hoe geloofwaardig is het bestuur dan nog als het inwoners aanspreekt op regels?
De nieuwe wethouders kunnen direct laten zien dat het menens is.
Niet met nieuwe beloftes, maar door simpelweg te doen wat al lang had moeten gebeuren: handhaven, doorpakken en eindelijk kiezen voor bewoners.
De vraag is niet of het probleem bekend is.
De vraag is: durft het nieuwe bestuur eindelijk ook de eigen organisatie aan te spreken?